Publicatiedatum: 11-02-2010
Economische Barometer MKB metaal
Na anderhalf jaar van neergang in het mkb-metaal lijkt het erop dat de sector weer voorzichtig naar boven kan kijken. Voor veel vragen uit de barometer over het vierde kwartaal van 2009 geldt dat het aantal ondernemers dat een vraag positief heeft beantwoord, gelijk is aan het aantal dat de vraag negatief beantwoordde.
Wel is het zo dat de verschillen tussen de diverse sectoren groot zijn. Zo doen de anticyclische service- en onderhoudsbedrijven het net als de afgelopen anderhalf jaar nog steeds beter dan de andere sectoren. De machinebouwers hebben duidelijk een beter vierde kwartaal achter de rug en zien de nabije toekomst met meer vertrouwen tegemoet. De verspaners geven aan dat zij na een hele zware periode een duidelijk beter vierde kwartaal hebben gedraaid en langzaam de weg naar boven vinden. Voor de staalbouwers was het een slecht vierde kwartaal. Dat de staalbouw laatcyclisch is blijkt ook het de sombere verwachtingen van deze sector.
Ook zijn er grote verschillen tussen bedrijven die wel of niet exporteren. Gemiddeld lijken de ondernemers die exporteren beter te presteren dan collega’s die alleen de Nederlandse markt bedienen. Ook zien de exporterende ondernemers de nabije toekomst met meer vertrouwen tegemoet dan bedrijven die niet exporteren.
Ondanks het stabiliseren van de markt heeft het mkb-metaal nog steeds te kampen met overcapaciteit. Dit komt onder andere tot uiting in de werkgelegenheid. Deze is in het vierde kwartaal van 2009 zowel voor het vaste als het ingeleende personeel weer verder afgenomen.
De ontwikkeling van de binnenlandse orderpositie is voor het eerst in vijf kwartalen niet meer afgenomen maar gestabiliseerd. De waardering van de binnenlandse orderportefeuille is nog steeds niet goed, maar de verwachtingen voor het eerste kwartaal van 2010 zijn iets positiever. De waardering van de exportportefeuille ligt over de hele linie hoger dan die van de binnenlandse orders. Ondanks de stabilisatie blijft de druk op de verkoopprijzen groot.
Het stabiliseren van de markt en het snijden in de kosten hebben er toe geleid dat het aantal bedrijven dat verlies maakt in de sector afneemt.
Dit zijn de belangrijkste uitslagen van Economische Barometer van de Metaalunie
Door Rob van der Werff, bedrijfseconomisch ledenadviseur van de Koninklijke Metaalunie.
Bij bedrijven die hebben meegedaan aan het onderzoek, werken gemiddeld achttien medewerkers in loondienst en is er gemiddeld nog 2,1 medewerker werkzaam op inleenof uitzendbasis.
Orderpostie
Orderpositie binnenland
Na vier kwartalen op rij een lagere omzet te hebben gerealiseerd dan in het voorgaande kwartaal lijkt de omzetdaling nu te zijn gestopt. Van ondernemers geeft 32% aan dat in het 4e kwartaal van 2009 de orderpositie minder was dan in het 3e kwartaal. Terwijl 31% een betere orderpositie had in het vierde kwartaal. Bij 37% van de ondernemers is de orderpositie gelijk gebleven.
Een halfjaar geleden waren de verhoudingen heel anders, toen had 44% een minder kwartaal achter de rug tegen 21% een beter kwartaal. Een sector waar het vierde kwartaal duidelijk beter ging ten opzichte van het derde kwartaal is de verspanende sector. Hiervan gaf 45% van de ondernemers aan een beter kwartaal achter de rug te hebben. De verspaners komen wel van ver. De teruggang in de bouw is duidelijk te merken in het mkb-metaal. Van de staalbouwers gaf 40% aan dat de orderpositie was afgenomen ten opzichte van het derde kwartaal. Ook bij de constructiebedrijven geeft 40% van de respondenten aan een minder kwartaal achter de rug te hebben.
De waardering van de orderpositie is per saldo nog steeds ongunstig. 24% beoordeelt deze als gunstig terwijl 32% van de ondervraagde ondernemers deze als ongunstig beoordeelt. Per saldo beoordeelt 8% (24% - 32%) de portefeuille als ongunstig. Positieve uitschieters hierbij zijn de machinebouwers, de service- en onderhoudsbedrijven en de elektronicabedrijven. De oppervlaktebehandelaars en de staalbouwers zijn overwegend ontevreden over hun binnenlandse orderportefeuille.
De verwachtingen voor het eerste kwartaal van 2010 zijn weer voorzichtig beter dan in het vorige kwartaal. Van de ondernemers verwacht 35% een beter kwartaal tegenover 24% die een slechter kwartaal verwacht. Uitschieters naar beneden zijn de staalbouwers en de metaalwarenbedrijven. De machinebouwers hebben duidelijk meer vertrouwen in het huidige kwartaal. Van hen geeft 45% aan een beter eerste kwartaal van 2010 te verwachten. Ten aanzien van de verwachtingen voor het eerste kwartaal zijn de verschillen tussen de diverse sectoren gelijk aan die bij de eerde genoemde waardering van de huidige orderportefeuille.
Orderpositie buitenland
56% van de respondenten exporteert niet.
11% van de respondenten exporteert tot 10% van hun omzet.
33% van de respondenten exporteert meer dan 10% van een omzet.
De orderpositie over het vierde kwartaal 2009 mag dan beter zijn dan het kwartaal ervoor, de waardering van de orderpositie buitenland zelf is nog erg voorzichtig. De stemming onder de exporterende bedrijven is over het algemeen positiever dan die onder de bedrijven die niet exporteren. Sectoren die relatief veel exporteren zijn verspanende sector, machinebouwers, elektronicabedrijven en metaalwarenbedrijven.
De orderpositie buitenland in het vierde kwartaal van 2009 is bij 32% van de ondernemers beter dan in het derde kwartaal, terwijl bij 23% het vierde kwartaal minder was dan het derde kwartaal. Over de waardering van de orderportefeuille buitenland is men iets minder positief.
Ten aanzien van de vooruitzichten voor de orderpositie buitenland voor het eerste kwartaal 2010 zijn vooral de verspaners de machinebouwers en de elektronicabedrijven redelijk optimistisch.
Werkgelegenheid neemt verder af
Het aantal bedrijven met een afname van het personeel neemt nog niet af. Een jaar geleden verminderde bij 25% van de bedrijven het aantal medewerkers. Nu is dat, net als een kwartaal geleden bij 20% van de bedrijven.
Het percentage bedrijven waarbij het personeel is toegenomen was een jaar geleden 6% en is nu, net als een kwartaal geleden, 10%.
Bij 8% van de bedrijven is deze afname gepaard gegaan met gedwongen ontslagen. Een half jaar geleden was dit nog bij 14% van de bedrijven. Bij de service- en onderhoudsbedrijven is het aantal bedrijven dat meer mensen in dienst heeft gelijk aan het aantal bedrijven dat minder personeel in dienst heeft. Bij de oppervlaktebehandelaars zijn in verhouding de meeste bedrijven waar het afgelopen kwartaal mensen zijn ontslagen.
Ondanks de afname van het aantal medewerkers neemt het aantal bedrijven met vacatures licht toe. Een kwart van de bedrijven heeft tenminste een vacature. Gemiddeld wordt bij deze bedrijven 1,4 fte gezocht. Van de machinebouwers heeft bijna de helft een vacature open staan.
Bedrijfsresultaten stabiliseren.
Het bedrijfsresultaat in het mkb-metaal heeft zich ten opzichte van het derde kwartaal gestabiliseerd. Drie maanden geleden gaf per saldo 20% van de ondernemers aan een afname van het resultaat te zien. Deze afname is in het vierde kwartaal van 2009 gestopt. Het aantal bedrijven met een afname van het resultaat is gelijk aan het aantal bedrijven met een toename van het resultaat.
Ook hierbij geldt dat de verschillen tussen de sectoren groot zijn. Bij de machinebouwers geeft per saldo 19% van de ondernemers aan in het 4e kwartaal een beter bedrijfsresultaat te hebben behaald. Terwijl bij de staalbouwers per saldo 28% een slechter resultaat heeft behaald.
Was een kwartaal geleden amper 20% van de ondernemers positief over het bedrijfsresultaat, nu is dit toegenomen tot 30%. De machinebouwers en de service- en onderhoudsbedrijven waarderen het bedrijfsresultaat naar verhouding het meest gunstig terwijl de elektronicabedrijven en de oppervlaktebehandelaars dit meer als ongunstig beoordelen.
Over het te verwachten bedrijfsresultaat voor het eerste kwartaal van 2010 liggen de uitslagen nog verder uit elkaar. Voor de hele sector zijn er net zo veel bedrijven die een beter bedrijfsresultaat voor het 1e kwartaal 2010 verwachten, als bedrijven die een slechter bedrijfsresultaat verwachten. Van de staalbouwers verwacht 65% een slechter kwartaal terwijl 56% van de elektronicabedrijven een beter kwartaal verwacht. Ook relatief veel de verspaners verwachten een beter eerste kwartaal. Zij komen echter zoals eerder opgemerkt, van heel ver.
Winstgevendheid neemt iets toe
Het aantal bedrijven dat winst maakt neemt iets toe terwijl het aantal bedrijven dat verlies maakt iets afneemt. Het gevolg hiervan is dat per saldo 15% van de bedrijven winst maakt (40% winst en 25% verlies) tegen 7% in het vorige kwartaal (38% winst en 31% verlies).
Als naar de beoordeling van winst of verlies wordt bekeken vanuit het gegeven of een bedrijf exporteert of niet blijken hier behoorlijke verschillen in de uitkomst op te treden. Van bedrijven die alleen in Nederland afzetten maakt 34% winst en draait 26% met verlies. Per saldo maakt hier 8% winst.
Bij de exporterende bedrijven ligt dit cijfer gunstiger. Van deze bedrijven maakt 52% winst en 24% verlies. Per saldo maakt hier 28% winst.
Ook verwachten de exporterende ondernemers in het eerste kwartaal van 2010 een beter resultaat dan de niet exporterende bedrijven. Per saldo verwacht 10% van de exporterende ondernemers een beter resultaat in het eerste kwartaal. Van de ondernemers die alleen de Nederlandse markt bedienen verwacht per saldo 8% een slechter resultaat.
Investeringsbereidheid iets minder negatief
Al lijkt het mkb-metaal zich te stabiliseren, de ondernemers zijn nog erg voorzichtig als het gaat om investeringen in machines. Ruim 40% van de ondernemers geeft aan in 2010 minder te zullen investeren dan men in 2009 heeft gedaan. Daar staat tegenover dat 1 op de 10 ondernemers aangeeft meer te zullen gaan investeren. Bijna de helft van de ondernemers geeft aan in 2010 net zo veel te zullen investeren als in 2009.
Ondanks de betere vooruitzichten voor sommige sectoren is er niet één sector waar men per saldo aangeeft meer te zullen gaan investeren, ook niet bij de toch behoorlijk draaiende sector service- en onderhoud.
Klik hier voor het volledige persbericht.
|